Eindelijk een reden om Viktor en Rolf achter de tralies te zetten. Hun obsessie met mode dwingt ons om uitstekende auto’s af te danken, betoogt James.
Het probleem met een heleboel damesmode is dat het gemaakt wordt door homo’s en zo is ontworpen dat het vooral jongens goed staat. Een poosje geleden, en om redenen waar ik me nu geen voorstelling meer van kan maken, ging ik shoppen met een vrouw die ik goed ken. Ze had in een of ander blad een jurk gezien die ze mooi vond, en wilde die passen. Toen ze ‘m aanhad, begon ze te huilen omdat ze vond dat die jurk haar dik en lomp maakte.
Dat was logisch, legde ik uit, want ze was immers een vrouw, met borsten en heupen en billen, en daar was geen rekening mee gehouden in een modelletje dat mikte op mensen die er vanuit elke denkbare hoek uitzagen als twee evenwijdige lijnen. We besloten dat mode iets voor gekken was en gingen een cheeseburger halen.
Ik denk dat de gemiddelde TopGear-kijker niet verbaasd zal opkijken als ik toegeef dat ik nul komma nul verstand heb van mode. Toch laat ik me erdoor beïnvloeden. Voor ik op de televisie was, kocht ik eigenlijk nooit kleren, althans niet vóór de kleren die ik aanhad verpulverden als ik een keer nieste. Nu voel ik me verplicht om hippe overhemden te kopen, maar om eerlijk te zijn zie ik er daarin niks beter uit dan in de 25 jaar oude, groenblauwe trui die ik nu aanheb. Mode is een verspilling van geld. Geld dat beter besteed zou kunnen worden aan, zeg, het onderhoud van je auto.
Dat brengt me op een debat dat ik vaak voer met Clarkson, met wie ik het overigens contractueel verplicht ben oneens te zijn, behalve op het punt van Sandwich Spread. Clarkson gelooft dat veroudering in sommige auto’s standaard wordt ingebouwd, ik niet.
Het wil er bij mij gewoon niet in. Laten we zeggen dat Nissan ervoor zorgde dat bepaalde belangrijke onderdelen na tien jaar kapot waren. Dat zou prima zijn als er alleen maar Nissans waren en je dan gedwongen werd een nieuwe te kopen, maar als dezelfde onderdelen in een Toyota het twaalf jaar hielden, zou het met Nissan snel afgelopen zijn.
Het is dus verstandig om een auto zo goed mogelijk te maken. Al ben je niet van plan er zo lang in te blijven rijden, is-ie in elk geval nog eens te verkopen omdat-ie het gewoon doet. De reputatie van automerken wordt gemaakt op de tweedehands markt, niet in de showroom – daarom is Jaguar in de jaren tachtig onderuit gegaan, terwijl Mercedes zich moeiteloos staande hield.
'Uiteraard doen nieuwe auto’s het beter dan oude, ook al doen ze het allebei voortreffelijk'
Waarom worden zoveel auto’s dan al na een jaar of tien afgedankt? Ja, ze hebben geen waarde meer, omdat er te veel nieuwe op de markt komen. Mijn trui heeft ook geen waarde meer, maar hij zorgt er nog wel voor dat mijn onooglijke tepels niet te zien zijn, dus dat is geen excuus.
Sommige mensen beweren dat het ‘economisch niet meer verantwoord’ zou zijn een auto op een gegeven moment nog te laten repareren. Dat is lulkoek. Vliegtuigen doen het meer dan een halve eeuw mits ze goed onderhouden worden. Ik ben op boten geweest van meer dan een eeuw oud, en die deden het nog steeds perfect, als boot. De goedkoopste auto achter in dit blad kost rond de 7.500 euro, en voor dat geld kun je de auto die je al hebt heel mooi laten opknappen. Een nieuwe auto kopen kan onmogelijk het goedkoopste zijn.
Uiteraard doen nieuwe auto’s het beter dan oude, ook al doen ze het allebei voortreffelijk. Rijd maar eens in een auto van vijfentwintig jaar oud: je zult verbaasd opkijken hoe waardeloos sommige elementaire dingen zijn – ruitenwissers, koplampen, verwarming. Maar die dingen zijn makkelijk te vervangen, en geen oude auto waar ik in gereden heb, heeft me ooit in de steek gelaten als ik een bocht moest maken of moest parkeren. Ik heb twee oude auto’s, en het is bekend dat ik daarmee overal en nergens kom, net zo goed als ik dat in een nieuwe auto voor mekaar zou hebben gekregen.
De meeste mensen zijn blij met een oud huis. Je kunt nieuwe bedrading aanbrengen, nieuwe verwarming, nieuwe ramen, maar niemand zal ooit zeggen dat een huis uit 1650 rijp is voor de sloop omdat het leem in het vlechtwerk er hier en daar wat sjofeltjes is gaan uitzien. Maar we moeten alle zeilen bijzetten als we langer dan tien, vijftien jaar in een auto kunnen rijden.
Het is, vrees ik, grotendeels een kwestie van mode. Mijn Panda zal wel op de vuilnishoop van de autogeschiedenis belanden omdat ik, of een volgende eigenaar, er een keer op uitgekeken raak. Met een auto gaat het net zo als met een oud overhemd dat je gebruikt bij het klussen of in de tuin. Niks mis met dat overhemd, als we eerlijk zijn, alleen de kleur of de stijl is zo vorige week maandag. Voor een artikel uit de kledingindustrie is dat niet dramatisch, maar met zoiets kostbaars als een auto is het bijna crimineel.
Ik heb overwogen mijn Boxster in te ruilen. Er is niks mis mee, ik wil gewoon graag iets anders. Als hij gaat, heeft hij de snel steiler wordende afdaling naar de sloop ingezet – zonder goede reden. Tegen de tijd dat ik echt oud ben, heb ik waarschijnlijk tientallen auto’s ‘versleten’. Maar waarom?
Wedden dat ik dan nog steeds deze trui draag?
Zelf rijden we reeds 7 jaar met een 32 jaar jonge oranje volvo 245, en een betere auto hebben we nooit gehad. Toch zoeken we geregeld naar iets anders, maar volgens mij is dat geen mode maar verveling. Maar we vinden geen auto die zo degelijk, praktisch, ruim, comfortabel, onderhoudsarm en leuk is.